Betrokkenheid en motivatie

 

1 Een veilige basis “Het kind in de hoofdrol.” Veiligheid en ondersteuning zijn voorwaar- den waarop het kind zich kan ontwikkelen. Ze dragen bij aan een gezonde sociaal- emotionele ontwikkeling van het kind.
2 Diversiteit “We kunnen niet van alle kinderen dezelfde sterren maken; we kunnen ze wel allemaal laten schitteren.”
Elk kind is anders en mag laten zien wie hij is, wat hij kan en wat hij wil.
3 Brede ontwikkeling “Waar je aandacht aan geeft, gaat groeien.” We richten ons op de brede ontwikkeling van de identiteit van het kind.
4 Betrokkenheid en motivatie “Het kind is de beste leerkracht.” Betrokkenheid en motivatie zijn van groot belang om tot leren en ontwikkelen te komen (afgestemd op de mogelijkheden van het kind).
5 Verantwoordelijkheid “Kinderen mogen laten zien wat ze kunnen; wat ze kunnen, moeten ze ook laten zien.” Leerkracht en kind hebben beide een eigen verantwoordelijkheid voor proces en resultaat.
6 Ik- jij- wij- samen “Het kind is van zichzelf, maar heeft anderen nodig om zich te kunnen ontwikkelen.“ Ontwikkelen en leren doet een kind van en met de ander en in samenwerking met alle betrokkenen.

Media
  • Banner10.jpg